Vera (LordsofMetal.nl): Na de voortreffelijke albums ‘Insider’ (2004) en ‘Timetropia’ (2007) is een nieuw Kingcrow album iets om met kloppend hart naar uit te kijken. De Italiaanse band levert immers steeds uitzonderlijk diepgravende en knappe progressieve rock/metal af waarin echo’s van Dream Theater, Pink Floyd, Porcupine Tree en Tool een fantastisch eigen geluid produceert. Kingcrow maakt albums waar elk onderdeel belangrijk is: voorop staat natuurlijk de dynamische, maar soms ook heel gevoelige muziek. Daarnaast is er ook ditmaal weer een geraffineerd en donker concept, wat mooi geïllustreerd wordt door het artwork. Bovendien blijft Kingcrow gefocust op nummers schrijven die nooit verworden tot een labyrint van hoogdravend technisch vertoon – al zijn het overduidelijk zeer vakkundige muzikanten – maar blijft alles vrij toegankelijk en vloeiend.
Drie jaar zijn alweer gepasseerd nadat we ‘Timetropia’ beschreven en de band spraken. In die tijd is er een nieuwe zanger – maar Mauro draagt wel nog zijn steentje bij in de conceptuele aanpak der teksten – en voegde men Cristian Della Polla toe als toetsenist. Ik moet zeggen dat nieuwe vocalist Diego Marchesi een schot in de roos is. Soms lijkt Genesis zijn grote voorbeeld, dan weer laat de grunge periode een invloed na op zijn zanglijnen, maar in krachtigere stukken doet hij me ook aan Mats Levén (Therion, Krux) denken. Kortom, een man waar men alle kanten mee op kan.
Met meer dan een uur speeltijd is ‘Phlegethon’ een muzikale reis waarbij we een getormenteerde protagonist volgen in de verschillende fasen van zijn leven. Momenten van diep innerlijk leed en teleurstelling staan tegenover fasen van grensverleggende euforie. Een gegeven dat zich uit in boeiende contrasten in de muziek. Het album begint en eindigt sferisch met het geluid van de branding. De zee is een krachtige factor. ‘The Slide’ vormt een proloog met toetsen en invallende gitaren, waarna het langere, instrumentale ‘Timeshift Box’ al meteen verrast. Dynamische riffs met Dream Theater heftigheid vormen de gedecideerde achtergrond voor een eerste prachtige gitaarsolo. ‘Islands’ markeert de terugkeer van zang, waar we hier zelfs enige folkinvloeden in bemerken. Die maken het aanstekelijk, tegen het spetterende gitaarwerk van Diego Cafolla en Ivan Nastasi. Zij vormen al jaren een goed geoliede gitaartandem en laten dit op ‘Phlegethon’ weer alom blijken. De gevoelige solo’s doen me altijd aan Pink Floyd denken (of Riverside of Porcupine Tree). Luister maar naar ‘The Great Silence’.
De band is ook bedreven in samenzang. Dat wordt mooi geïllustreerd in het langere ‘Lullaby For An Innocent’. In overeenstemming met de titel is dit een gevoelig, kalm nummer. Stevig rockend gaat men er tegenaan in ‘Evasion’, een track die erg modern aanvoelt door het toetsenwerk en net wanneer je denkt dat het gedaan is volgt er nog een bloedmooie gitaarsolo. Kingcrow schreef ook twee langere epossen van negen minuten elk. ‘Numb (Incipit, Climax & Coda)’ werkt langzaam op naar een stuwende climax met enige progressieve hoogstandjes, terwijl in het titelnummer bijzonder geheimzinnige zang opduikt. Verder trok ook het krachtige ‘Lovocaine’ mijn aandacht. Tollende riffs hebben enige affiniteit met Tool, terwijl een semi-akoestisch gitaarfragment voor een break zorgt. Spaanse invloeden, canonzang en heldere mandolineachtige klanken vormen dan weer de specialiteit van ‘Fading Out pt. III’.
Er is zoveel te beleven op dit album dat het je verzekerd van uren en uren luisterplezier. Ik kan maar één goede raad geven: koop dit album (en al het werk van Kingcrow!) want dit is een schromelijk ondergewaardeerde band. Doe er iets aan!
Score 91/100